EEN ONAARDIG SPROOKJE

Familie- & schoolvoorstelling

Is onderdeel van de reeks (ON)AARDIGE projecten en het artistieke onderzoek naar een theatrale verbeelding van onze verhouding tot milieu- en klimaatvraagstukken.

Inhoud

Keet de best-business-woman-in-town, heeft een groot probleem. Sinds een week is haar winkel leeg, alles is op. De klanten zijn woedend, waar moeten ze nu hun boodschappen doen…?! Ze konden altijd bij de zaak van Keet terecht, daar was werkelijk alles te koop; appeltjes voor de dorst, snoep voor een verjaardagsfeest, mooi verpakte me-dit-of-me-dat. Vaak nog tegen bodemprijzen ook. Maar er is alleen nog een enorme berg verpakkingsmateriaal over. Wat nu?
Er wordt een brief bezorgd, van de bomen. Om middernacht wordt Keet verwacht. Komt zij niet, dan zwaait er wat!
Keet gaat op pad, het wordt een bijzondere reis. Onderweg leert zij Plasticzak, Vos en Klaproos kennen, die zijn nieuwsgierig naar wat de bomen haar gaan zeggen.
Na een heftig debat met alles-en-iedereen wordt Keet teruggestuurd met een zware opdracht. Deze kan alleen worden uitgevoerd met hulp van al het publiek.

EEN ONAARDIG SPROOKJE is een interactieve voorstelling over ons bedreigde milieu. Dit allegorische verhaal – waarin de winkel en de klanten staan voor hoe wij omgaan met onze aarde – biedt een hoopvol toekomst perspectief voor ons allemaal. Het is een voorstelling die zo in elkaar steekt, dat iedereen mee gaat helpen om het verhaal te redden. Hoe leven we nog lang en gelukkig?

Credits

Tekst/regie: Mirjam Veldhuijzen van Zanten | Tekst/spel: Kathlyn Wuyst | Scenografie: Esther Veldhuijzen van Zanten, Menno Boer & Thomas Maas | Dramaturgie: Bart Van Den Eynde & Martine van Ditzhuyzen | Productie: Theater Decibel

Praktisch

De voorstelling duurt ± 45 minuten.
Is geschikt voor leerlingen vanaf groep 6.
Wordt gespeeld voor 1 groep leerlingen
Liefst in een speellokaal of andere afgesloten ruimte (rekening houdend met 1,5 m)

Prijs

In overleg

HET PARLEMENT VAN DE DINGEN – BRUNO LATOUR

In het kort gaat dit interactieve sprookje over een winkel, haar klanten en alle spullen die daar verkocht worden of met de verkoop samenhangen.
Op een dag is de winkel leeg, het is op. Alleen een enorme berg verpakkingen is over. De klanten zijn woedend en Keet de winkel juffrouw ontredderd.

Dan wordt Keet op het matje geroepen bij het Parlement van dieren, planten en dingen. Zij zijn het zat en willen niet meer leveren aan de winkel. Ze vragen zich af: Wat hebben we eigenlijk aan de mens? Zullen we ze niet gewoon overwoekeren, omver blazen, overstromen! Keet wordt teruggestuurd naar de klanten. Die krijgen nog 1 kans om zich te verantwoorden, anders is het afgelopen.
Daar begint het belangrijkste deel van de voorstelling, waarin het publiek direct betrokken wordt doordat ze zelf het debat gaan voeren over de vraag: Wat hebben de niet-mensen aan de mensen?

Het publiek wordt verdeeld in kleine groepjes die zich vervolgens elk verdiepen in de belangen van één van de acht Parlementsleden van dieren, planten en dingen. Er is ook een groepje dat zich verdiept in de belangen van de klanten.

Vervolgens neemt Keet iedereen mee terug naar het bos waar het debat plaatsvindt. Acht kinderen representeren bij dit debat niet zichzelf maar de niet-mensen, één kind representeert de klant. Keet is aangesteld tot voorzitter. Het is daarmee aan hen allemaal hoe het sprookje zal eindigen. Leven we nog lang en gelukkig samen? Of kiezen we voor een andere einde?

Toelichting doelgroep

De hele milieu en klimaatcrisis is een enorm groot en complex onderwerp. Waar we alleen maar met zijn allen samen echt iets aan kunnen veranderen.
Om dit begrijpelijk te maken, is een simpel helder verhaal nodig waarmee je je kunt identificeren. De metafoor van de winkel die enerzijds leeg raakt en anderzijds een enorme hoeveelheid afval produceert (van bruikbare grondstoffen die zijn veranderd in onbruikbaar) is herkenbaar. Je hoeft maar over straat te lopen en de plasticzakjes waaien om je oren
Toch zien we het niet echt. Zeker de stadsmens niet, die opgroeit zonder nabijheid van de natuur. We zijn er van losgezongen. Terwijl we onze samenhang met alles en iedereen van jongs af aan moeten leren. Net zo vanzelfsprekend als we leren tandenpoetsen en schrijven.
Daarom spelen we deze voorstelling op basisscholen en voor een publiek van (groot)ouders en hun kinderen. In de hoop dat het onderlinge gesprek hierover zo vroeg mogelijk start en ook thuis doorgaat.